|
Vorige week kondigden wij via onze Nieuwsgolf nr. 282 ook al aan dat er vanaf 1 januari 2010 in bepaalde gevallen een bijkomende premie van € 1666 zou uitbetaald worden aan arbeiders waarvan de arbeidsovereenkomst door de werkgever beëindigd wordt.
Het ontwerp van wet houdende diverse bepalingen dat op 18 december 2009 aangenomen werd door de Kamer bevat wat meer details over deze nieuwe tijdelijke maatregel.
Zo voorziet het wetsontwerp dat elke arbeider waarvan de beëindiging van de arbeidsovereenkomst door de werkgever betekend zal worden tussen 1 januari 2010 en 30 juni 2010, met of zonder naleving van een opzeggingstermijn, recht heeft op een bijkomende premie van € 1666. Dit recht geldt niet in geval van een beëindiging omwille van een dringende reden, tijdens de proefperiode, met het oog op pensioen of brugpensioen of in het kader van een herstructurering wanneer de arbeider zich kan inschrijven in een tewerkstellingscel.
De werkgever moet er bovendien op toezien dat de beëindiging met of zonder opzegging steeds ter kennis gebracht wordt aan de arbeider met een aangetekende brief of per deurwaardersexploot. In dat geval moet de werkgever 1/3 van de premie betalen met name € 555 en zal het saldo van € 1111 door de RVA betaald worden. Opgelet: dit geldt ook voor een beëindiging van de arbeidsovereenkomst van een arbeider met uitbetaling van een verbrekingsvergoeding!
De werkgever die verzuimt om de verbreking ter kennis te brengen door middel van een aangetekende brief of per deurwaardersexploot, zal de volledige premie van € 1666 zelf moeten betalen.
De ontwerptekst bepaalt verder nog dat de werkgever vrijgesteld wordt van deze crisispremie voor de arbeiders waarvoor in 2010 crisisarbeidsduurvermindering of crisistijdskrediet werd toegepast. Ook voor de arbeiders waarvan de uitvoering van de arbeidsovereenkomst in 2010 geschorst werd wegens economische werkloosheid gedurende een aantal dagen, in functie van de arbeidsregeling, gelijk aan vier weken voor een arbeider met minder dan 20 jaar anciënniteit in de onderneming op het ogenblik van de kennisgeving van de opzeg en gelijk aan acht weken voor een arbeider met ten minste 20 jaar anciënniteit in de onderneming. In deze 2 hypotheses krijgt de arbeider ook dezelfde crisispremie maar deze wordt dan volledig ten laste genomen door de RVA.
Bovendien zal de Koning later nog de toekenningsvoorwaarden bepalen voor een afwijking op de betaling van deze premie voor ondernemingen die minder dan 10 werknemers tewerkstellen en die in economische moeilijkheden verkeren.
Opmerking: deze informatie is nog steeds onder voorbehoud van publicatie van de definitieve wettekst aangezien de Senaat deze ontwerptekst nog kan wijzigen.
Bron: www.meta.fgov.be: Anti-crisismaatregelen: nieuwigheden (nieuwsbericht van 22 december 2009)
|